Wilg, de buigzame genezer


De wilg is een van mijn favoriete planten. Hij is niet alleen geschikt om heggen mee te vlechten, maar ook bijzonder taai. Hij groeit zelfs op slechte grond, verdraagt natte voeten en is al eeuwenlang bekend om zijn geneeskrachtige werking.

Heggenvlechten

In 2012 ben ik begonnen met heggenvlechten en in 2013 behaalde ik mijn diploma. Ik kreeg les van Nederlandse en Engelse heggenvlechters. De Engelsen werken vaak met wilgentenen: ze leggen de struiken naar één kant, vlechten ze in elkaar en verstevigen de heg met kastanjepalen. Vervolgens werken ze de bovenkant elegant af met vlechtwerk van wilgentenen.


Wilgen zijn typische inheemse struiken; er bestaan er twaalf soorten van. Wie kent niet de knotwilgen langs de Nederlandse dijken? Deze worden al eeuwenlang in de wintermaanden geknot. De takken (tenen) werden van oudsher gebruikt om manden en afrasteringen mee te vlechten. Ook werden er klompen van gemaakt, omdat wilgenhout de voeten warmer zou houden dan ander hout. Geknotte wilgen worden vaak ouder dan niet-geknotte wilgen.

Koorts en stress

Vroeger kauwden mensen vaak op wilgenbast bij hoofdpijn, nervositeit of reuma. De wilg produceert salicine, een stof met een pijnstillende, koortswerende en zuiverende werking. Je kunt wilg ook als thee drinken; deze verlicht tevens maag- en darmklachten. Gebruik wilgenwater bij gevoelige tandhalzen en tandvlees.